Is de dood van Anne Faber de schuld van ons TBS-systeem?


Op 29 september 2017 raakte Anne Faber vermist, twee weken later, op 12 oktober, werd haar lichaam gevonden. Michael P. wordt verdacht van betrokkenheid bij haar dood. Michael P. was op dat moment veroordeeld zedendelinquent en verbleef in het kader van een resocialisatietraject in een psychiatrische kliniek. Bij zijn veroordeling voor de zedendelicten zes jaar geleden weigerde Michael P. mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek waardoor hij geen TBS kreeg. Hij kreeg dus ‘alleen’ een gevangenisstraf opgelegd. Omdat hij in 2018 tweederde van zijn straf zou hebben uitgezeten, zat hij nu al in een kliniek om te resocialiseren en mocht hij af en toe onbegeleid naar buiten. Dit onbegeleid verlof heeft ertoe geleid dat hij in contact kon komen met Anne Faber. Deze hele zaak heeft tot een heftige discussie geleid over het Nederlandse rechtssysteem en dan met name over TBS. Maar hoe zit het TBS-systeem eigenlijk in elkaar?

Artikel 37a
Terbeschikkingstelling (TBS) staat in het Wetboek van Strafrecht onder het kopje ‘maatregelen’. Dit betekent dat TBS ook opgelegd kan worden wanneer iemand niet als schuldig is veroordeeld. De maatregel wordt uitgelegd in artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht en komt in het kort op het volgende neer: iemand kan ter beschikking worden gesteld als tijdens het begaan van het feit sprake was van gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van het geestvermogen, én als het strafbare feit een misdrijf was waar minstens vier jaar gevangenisstraf op staat, én als de veiligheid van anderen of de algemene veiligheid het opleggen van die maatregel vereist.

Cijfers
In onderstaande tabel is te zien hoe vaak TBS is opgelegd in de afgelopen jaren. De maatregel wordt niet zo vaak opgelegd; in de afgelopen tien jaar was het aantal TBS-maatregelen maar 0.10 tot 0.15 procent van de totaal opgelegde sancties.

Wanneer TBS?
Zodra het vermoeden bestaat dat een verdachte een psychische aandoening heeft die geleid kan hebben tot zijn delinquente gedrag, volgt er een onderzoek. In eerste instantie wordt de verdachte bezocht door een psychiater van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP), deze schrijft dan een kort psychiatrisch rapport. Als er meer onderzoek nodig is, wordt de verdachte opgenomen in bijvoorbeeld het Pieter Baan Centrum; waar hij wordt onderzocht. Hierop volgt het opstellen van een uitgebreid rapport. Vervolgens wordt het psychiatrisch rapport aan de rechtbank overhandigd. De rechter bepaalt uiteindelijk of er TBS wordt opgelegd. De rechter kan echter alleen TBS opleggen wanneer er aan drie eisen voldaan is: (1) de psychiatrische stoornis heeft (mede) geleid tot het plegen van het delict, (2) er is kans op recidive, (3) op het gepleegde delict staat een gevangenisstraf van minimaal vier jaar.

Weigering
In Nederland hoeft de verdachte niet mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Dit betekent ook dat de verdachte het onderzoek van het NIFP mag weigeren, omdat hij bijvoorbeeld bang is dat er TBS zal volgen. Dit was bij Michael P. het geval. Echter mag de rechter wél altijd TBS opleggen als hij een groot vermoeden heeft dat de verdachte een psychische aandoening heeft, de TBS is dan gewoon verplicht voor de veroordeelde. Verder wordt TBS vaak in combinatie met een gevangenis opgelegd, dit is alleen het geval als de verdachte deels ontoerekeningsvatbaar wordt verklaard. Wanneer de verdachte volledig ontoerekeningsvatbaar wordt verklaard, mag geen gevangenisstraf worden opgelegd maar slechts TBS.

De behandeling
TBS duurt gemiddeld zeven tot acht jaar en kan telkens met maximaal twee jaar verlengd worden. De verdachte wordt behandeld in een psychiatrische kliniek, de behandeling kent vaak geen einddatum. De verdachte staat niet van de ene op de andere dag weer op vrije voeten. Dit wordt langzaam gedaan via af en toe verlof; met als doel om op een veilige wijze weer terug in de samenleving te keren. Sommige delinquenten zullen echter nooit in staat zijn om terug te keren en zullen levenslang behandeld worden.

Hetgeen wij ons nu afvragen; zal de zaak van Anne Faber een verandering teweegbrengen in ons rechtssysteem? Mag een verdachte nog steeds het onderzoek weigeren of moet hij vanaf nu meewerken om te zorgen dat er indien nodig TBS wordt opgelegd? Geef je mening in de comments.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *